|   |
 |
  |
|   |
Oranje is een voormalig graafschap in het Zuiden van Frankrijk (in het Frans: "Orange"). In het jaar 1163,
wordt het Oranje-graafschap door Keizer Frederik I Barbarossa verheven tot Prinsdom. Doordat er geen opvolgers meer zijn
en door een huwelijk, komt het voor de helft in bezit van het Huis Montpellier. In 1189 verblijft het Prinsdom aan het
Huis Baux en wordt het Prinsdom herenigd door Bertrand III (1282-1335). |
  |
|   |
Raimond V (1340-1393) is de laatste Prins uit het Huis Baux. Via zijn erfdochter, Maria, komt het Prinsdom
van Oranje terecht bij haar echtgenoot, Jan III van Châlon. Philibert Châlon (1502-1530) laat het Prinsdom na aan de laatste
Châlon, namelijk René. Deze was de zoon van Philiberts zuster Claudia en van Hendrik III van Nassau. |
  |
|   |
Als René van Châlon overlijdt (1544), gaat zijn erfenis naar zijn neef Willem van Nassau, omdat het
huwelijk tussen René en Anna van Lotharingen kinderloos is gebleven. Deze Willem van Nassau, die later stadhouder werd,
mag zich dus vanaf 1544 Prins van Oranje noemen. Hij is dan pas elf jaren oud. Tijdens de Godsdienstoorlogen in de 16e
eeuw wordt het Prinsdom door zowel Hugenoten als Katholieken bezet. |
  |
|   |
Na de dood van Willem I (1584), gaat het Prinsdom over naar zijn oudste zoon Philips Willem, en als deze
sterft (1618), naar zijn halfbroer, Maurits. Aan het begin van de oorlog met Frankrijk in 1672 wordt het Prinsdom, dat dan onder leiding
staat van Willem III, bezet door Lodewijk XIV, maar bij de Vrede van Nijmegen (1678) wordt het teruggegeven. Na het Edict
van Nantes (1685), wordt Oranje opnieuw ingenomen door Frankrijk. In 1689 wordt het Prinsdom ontruimd en pas in 1697 wordt
het aan de Koning-Stadhouder teruggegeven. |
  |
|   |
Johan Willem Friso is na het kinderloos overlijden van Willem III (1702) de wettige opvolger. Hij is de
Vorst van Nassau-Dietz, erfstadhouder van Friesland. Echter, Frederik I, de Koning van Pruisen, komt in verzet tegen deze
opvolging op grond van het feit dat hij de zoon van Louise Henriëtte van Oranje is en op grond van het testament van Frederik
Hendrik. De Franse Koning, Lodewijk XIV, is echter van mening dat het Prindom van Oranje aan Frankrijk toebehoort en laat
Prins Conti, die verbonden is met het Huis Châlon, als pretendent fungeren. |
  |
|   |
Er volgt een successiestrijd over het Prinsdom, en deze wordt beslist door het Franse parlement. Het
wordt toegewezen aan Prins Conti en dit werd bekrachtigd in de Vrede van Utrecht (1713). Oranje wordt dus met Frankrijk
verenigt, terwijl de titel en het wapen van Oranje af worden gestaan aan de Kroon van Pruisen. In 1732 verwerven de Friese
Nassaus de titel echter na een verdrag met Pruisen. Nadat Nederland een Koninkrijk is geworden, heeft de oudste zoon van de
Koning(in) de titel: "Prins van Oranje". |
  |
|   |
  |
  |